Model van de Johanna deel 1

In navolging van mijn vader, die verschillende modelschepen bouwde, ben ik een model (1 : 20) van onze boot, een Baltic Rose Kotter, gaan bouwen.

Voor ons getekend door Martin Bekebrede in 2003.

Ik heb van de ontwerper, Martin Bekebrede, indertijd een aantal CAD files van onze boot gekregen en die kan ik nu gebruiken om op schaal 1: 20 de spanten en de kielbalk uit te frezen met mijn DIY CNC machine.

CAD tekening.

Het omzetten naar CNC files had wel wat voeten in de aarde, maar uiteindelijk lukte het om een aantal spanten en de kielbalk te frezen.

6 mm populieren multiplex.

De spanten worden middels inkepingen in de kielbalk geschoven.

Kielbalk, spanten en dek.

In het totaal zijn er bij het schip 36 spanten om de 40 cm. Ik heb er 9 gefreesd en dacht daar wel genoeg aan te hebben om de romp te kunnen vormen.

Beplanken met 1,4 mm dikke en 10 mm brede latjes.

De latjes heb ik gezaagd uit een paar stukken beukenhout wat ik nog had liggen. Met een zaagsnede van 3 mm op mijn cirkelzaagmachine gaat er heel wat hout verloren, maar het waren restjes dus niet erg. Ik ben begonnen met de berghouten aan te brengen waarna ik van daaruit ben gaan beplanken. De plankjes wilden niet lekker stroken waardoor er kieren en sterke ongelijkheden ontstonden. Dit is, blijkt, niet de goede methode. Dus dan maar opnieuw beginnen.

Het dubbele aantal spanten.

Nu met het dubbele aantal spanten en vanaf de kiel beginnen met beplanken (werd op internet aangeraden). De plankjes heb ik nu vervaardigd uit Oregon pine, dat ik over had van een mast. Eerst weer de berghouten aangebracht. En vervolgens de afstand langs het grootspant gemeten en door 10 mm gedeeld. Dit kwam uit op 17 plakjes per zijde. Vervolgens langs de andere spanten de afstanden gemeten die door 17 gedeeld en deze afgetekend op de spanten. Je ziet dan hoeveel elke plank moet worden verjongd en dat de planken bij de achter steven bijna in een punt eindigen. Dit laatste kan eigenlijk niet omdat de planken nergens op vast te lijmen zijn. Dus moet daar wat geïmproviseerd worden.

Na de onderkant van de romp te hebben beplankt is het boeisel en het potdeksel aangebracht.

Het begint te lijken.

Na veel, heel veel, voorzichtig schuren heb ik de naden van de romp met houtvuller (epoxy) gevuld en opnieuw geschuurd. Vervolgens is er een laag epoxy plamuur aangebracht, waarna er opnieuw geschuurd moest worden. Het vel was inmiddels van mijn vingers, maar het resultaat was er dan ook naar.

Het casco van ons schip is gebouwd door Bronsveen en deze werf bouwde het liefst rondspant gejoggelde schepen. Zo ook ons schip. Een joggel is een rand die aan één kant van de huidplaten wordt gerold, zodanig dat de plaat rond gaat staan en er een overlapping met de andere huidplaat ontstaat. Deze wordt van binnen en van buiten afgelast waardoor je een enorm stijve romp krijgt. Het model is van hout (mijn ding) en om het te laten lijken op het origineel moeten op de plaats van de joggels dunne strookjes hout worden gelijmd.

De joggels.

Het kluisgat voor het anker, de bolderkasten en de bolders complementeren de romp.

De romp is klaar.

Ik moet nu eerst naar boord om het e.e.a. op te meten voor ik verder kan met de opbouw en dergelijke. Wordt vervolgd!